Een taalrijke kinderopvang

Hoe ziet een taalrijke kinderopvang eruit?

In een taalrijke kinderopvang krijgen kinderen de hele dag door een gevarieerd taalaanbod. Pedagogisch medewerkers gebruiken een gevarieerde woordenschat, spreken in duidelijke, correcte zinnen, benoemen de wereld om het kind heen en grijpen kansen om kinderen binnen verschillende contexten nieuwe woorden aan te bieden. Ook lezen zij veel voor, volgens een doordachte aanpak, en stimuleren zij de ontluikende geletterdheid (bijvoorbeeld door een woordmuur, een thematafel met woordkaartjes of een winkeltje met échte verpakkingsmaterialen).

Daarnaast stellen pedagogisch medewerkers verschillende soorten vragen om kinderen te stimuleren zelf taal te gebruiken. Pedagogisch medewerkers hebben rijke interacties met kinderen. Het verschil tussen taalarme en taalrijke interactie ziet er bijvoorbeeld zo uit:

Taalarme interactie

Taalrijke interactie

PM: ‘Moet de pop slapen?’
Kind: ‘Ja.’
PM: ‘Is de pop moe?’
Kind: ‘Nee ziek.’
PM: ‘Oh, is de pop ziek? Dan moet de pop slapen, ja.’
Kind: ‘Pop moet in bed.’
PM: ‘Goed zo, als je moet slapen moet je in bed. Leg maar in bed.

PM: ‘Ik zie dat je de pop in bed hebt gelegd. Moet de pop slapen?’
Kind: ‘Ja’
PM: ‘Waarom moet de pop slapen?’
Kind: ‘Is ziek.’
PM: ‘Oh wat vervelend dat ze ziek is. Wat heeft ze dan?’
Kind: ‘Koort.’
PM: ‘Koorts?! O, dan heeft ze het vast heel warm, want van koorts krijg je het altijd heel warm. Heb jij wel eens koorts gehad?’
Kind: ‘Ja.’
PM: ‘Was je toen weer snel beter?’
Kind: ‘Ja.’
PM: ‘Denk je dat pop ook snel beter wordt?’
Kind: ‘Ja, ik denk wel.’
PM: ‘Gelukkig. Het is fijn zijn als ze weer snel beter is. Hoe kun je haar het beste helpen?’
Kind: ‘Moet veel slapen.’
PM: ‘Dat is een goed idee. Als de pop straks wakker wordt, voelt ze zich vast weer beter.’